Test Colloquial Dutch - Chapter 4

Click on the answer you think is correct.


1. Belt Pauline later weer terug?
   a) Ja
   b) Nee, Piet belt terug.
   c) Misschien
   d) Nee, Hans belt terug.

2. How do you ask forJohn on the phone'?
   a) Kan ik tot John spreken?
   b) Kan ik spreken tot John, alstublieft?
   c) Mag ik naar John spreken, alstublieft?
   d) Mag ik John even spreken?

3. What's the past participle of 'koken'?
   a) gekoked
   b) gekokt
   c) gekookd
   d) gekookt

4. How do you say 'I have heard everything'?
   a) Ik heb gehoord alles
   b) Ik heb alles gehoord
   c) Ik heb gehord alles
   d) Ik heb alles gehord

5. What's the past participle of 'verven'?
   a) geverfd
   b) geverved
   c) geveerft
   d) geverft

6. Which one is NOT correct?
   a) Ik heb hem gisteren thuis gebeld
   b) Ik ben naar het station gefietst
   c) Heb je gekookt het eten?
   d) Hebt u de hele dag gewerkt?

7. 'gescheiden' means something like:
   a) sliced
   b) shook up
   c) divorced
   d) out of work

8. Which one is NOT correct?
   a) Mag ik een kopje koffie?
   b) Hij wilt een nieuwe auto kopen
   c) Ik moet naar het toilet.
   d) Hij is naar het stationl gelopen.

9. 'het maakt niet uit' means:
   a) it means a lot
   b) it's not raining
   c) it's no good
   d) it doesn't matter

10. Belt Pauline later weer terug?
   a) Ja
   b) Nee, Piet belt terug.
   c) Misschien
   d) Nee, Hans belt terug.